Verscholen achter een markante bomenrij, op een braakliggend terrein tussen de Noordendijk en het Wantijpark, staan sinds enkele maanden drie kleine huisjes. Het open veld is omzoomd door wilde bloemen, het lijkt wel een natuurcamping. Hester Annema (31) en Ruud Guldemond (32) zitten ontspannen op de mini-veranda van hun tiny house.

Auteur Anne-marie Loran
Fotografie Dion Doornik

De huisjes staan op Tussentij, een hele verbindende plek tussen de wijken Vogelbuurt, Plan Tij en Wantij. Het project is ontstaan vanuit ontmoetingsplaats Het Vogelnest om te voorkomen dat het braakliggende terrein van de voormalige scholengemeenschap zou gaan verloederen. Ruud en Hester waren meteen geïnteresseerd: “Sinds onze eerste fietsvakantie samen, drie jaar geleden, droomden wij er al van om dicht bij de natuur ons eigen kleine huisje te bouwen, waar we de regen op het dak konden horen tikken.”

Grootse dromen
De van oorsprong Brabantse Ruud heeft innovatiewetenschappen gestudeerd, Hester, die in Friesland is opgegroeid, is landschapsarchitect. Voordat ze aan het bouwen sloegen, volgden ze een cursus aan de tiny house academy in Rotterdam waar ze hun grootse dromen filterden naar het uiteindelijke ontwerp. Hun huisje van verduurzaamd naaldhout is gebouwd op wielen: “Dat geeft een soort zelfredzaamheidsgevoel omdat je het in theorie met een tractor overal naartoe kunt verplaatsen”, vertelt Hester. Maar voorlopig mogen ze anderhalf jaar op Tussentij vertoeven.

Met een binnenruimte van 18 vierkante meter is het huisje kleiner dan de maximale eis van 35 vierkante meter, maar het interieur oogt verrassend ruim. Dat komt vooral doordat de zitkamer aan de kopse kant is gesitueerd, waardoor je door het hele huisje heen kunt kijken. De ramen en de lichte kleuren – het meeste houtwerk is vernist of wit geverfd met hier en daar een zonnige gele toets – doen de rest. In de knusse zithoek staan een tweepersoons(slaap)bank, een vintage kastje met heel veel laatjes en een hoog-rendement-houtkachel. “Maar we hoeven eigenlijk niet veel te stoken”, zegt Hester, “we hebben goed geïsoleerd en als de zon maar even op de ramen staat, is het al warm.” Diezelfde ramen bieden een fantastisch uitzicht over het veld, waardoor je echt een vakantiegevoel krijgt.

Cadeau
In het middengedeelte bevindt zich de keuken, die qua grootte niet onderdoet voor hun oude keuken in de Sumatrastraat. Ruud trekt een grote lade open: “Alle spullen die we nodig hebben, zitten hier in. Een waterkoker en koffiezetapparaat hebben we niet, dat doen we allemaal op gas uit een gasfles.” Er staat wel een wasmachine, een Miele. “Want de spullen die we kopen, moeten goed zijn en gerepareerd kunnen worden”, licht Hester toe. Niet verwonderlijk als je weet dat Ruud lang bij een repair café heeft geholpen.

De elektriciteit komt van zonnepanelen en accu’s: “Het is heel gaaf als onze accu’s continu vol zijn door het mooie weer, dat krijg je gewoon cadeau van de natuur”, zegt Hester enthousiast. Overigens heeft Ruud een slim systeempje bedacht, waardoor er warm water uit de cv-installatie in de wasmachine komt, zodat deze minder elektriciteit nodig heeft om het water te verwarmen. In de badkamer tegenover de keuken is het bad gedeeltelijk onder de trap geplaatst die naar het slaapgedeelte leidt. Dat bad was, evenals de wasmachine, een grote wens van Hester. “Door die eigen keuzes wordt  het heel persoonlijk.” zegt Hester. De twee laten zich niet beperken doordat alles praktisch en uitschuifbaar moet zijn. “We willen gewoon kiezen wat we fijn en leuk vinden.” Hesters bureau fungeert momenteel tevens als eettafel. Zoals zovelen werkt ze vanwege corona thuis. “In ons vorige huis kwamen de muren dan weleens op me af, maar hier kan ik rustig een paar uur aan het werk zitten en ineens bedenken dat ik nog helemaal niet buiten ben geweest.”

Fijn thuis
In augustus komen er nog twee huisjes bij. Intussen spelen kinderen uit de buurt al naar hartenlust op de boomstammen, stapstenen en het voetbalveld die de bewoners van de tiny houses gecreëerd hebben. Leerlingen van de naastgelegen basisschool tuinieren er in moestuinbakken en onlangs zijn er 75 verschillende bomen geplaatst voor het klimaatarboretum, een project van de TU (Technische Universiteit) Delft en de gemeente Dordrecht om te onderzoeken in hoeverre de bomen verkoelen. Ook wijkbewoners kunnen hieraan meewerken. “En wij mogen de bomen water geven”, zegt Ruud, “maar gelukkig wel met de tuinslang.” Ruud en Hester krijgen veel reacties: “We zijn geen missionarissen, maar we zien het wel als een soort roeping om te laten zien dat je met minder spullen, minder energie, en minder afval ook heel leuk kunt leven en een fijn thuis kunt maken. Onze vrienden waren zelfs jaloers, die zeiden: jullie hebben het meteen goed voor elkaar, iedereen moet thuisblijven vanwege corona en jullie staan op een camping.”